Geplaatst door: 
Verhaal

Speuren naar een T.E.T. tramwagen bij Overdinkel

Inleiding

Bij lezing van het boek ‘Trammend door Twente’ van Guus Ferrée bleek dat zich ‘in een bosje bij Overdinkel’ nog het restant van een motorwagen van de voormalige Twentsche Electrische Tramweg Maatschappij (T.E.T.) bevond. Dit zou de vorm van een ‘zomerhuisje’ hebben, dat ongeveer 80 jaar geleden moest zijn ‘gebouwd’.

Met deze kennis gewapend bleek het bouwsel in het vroege voorjaar vanaf het Lagapad zichtbaar te zijn, iets voorbij de brug over de Dinkel nabij het Erve Dengeman.

Na de vraag of er iemand ‘kundigheid’ had en wie de eigenaar was van het grondperceel, om de zaak nader te onderzoeken, kwamen we terecht bij de familie Olde Heuvel, die sinds jaar en dag een agrarisch bedrijf uitoefent op de Wilhelminahoeve aan de Tiekenveenweg te Overdinkel.

Joop Olde Heuvel was bereid om ons het bouwsel te tonen, dat op zijn erf is gesitueerd. Het object bleek inderdaad een tramwagen, die omgetoverd was tot een zomerverblijf. De locatie hiervan bleek fantastisch omdat door een verhoging in het landschap een fraai panorama van Glane zichtbaar is.

Het bosje moet vroeger, voordat in de tachtiger jaren van de vorige eeuw bochten uit de Dinkel zijn gehaald, vlak aan het water hebben gelegen. Ook nu nog is te zien dat het een waar lustoord moet zijn geweest.

Voorgeschiedenis.

Adriaan Jassies uit Losser kocht in 1933, na het overlijden op 15-3- 1933 van de weduwe Josephina Dengeman-Lohoff (Dinge Fina), geboren op 6-3-1869 in Langenhorst, voorbij Ochtrup (Dld) een grondstuk, groot 12 bunder met woonhuis van de erven Dengeman. Adriaan was een paardenliefhebber en vond het een uitgelezen kans om dit grondstuk voor zijn liefhebberij te kopen.

 

Adriaan Jassies had in die tijd een goed beklant warenhuis in galanterieën en verleende daarnaast een veelheid aan diensten. De zaak was destijds gevestigd aan de Kerkstraat in Losser.

Het erf werd nadien verder opgedeeld in percelen en verkocht aan boer Tieke (Gronau), de familie Denneboom uit Enschede (die was uitgekocht als agrarisch bedrijf in Enschede waar nu Vredestein is gevestigd), Bos uit Enschede, Kunne uit Overdinkel (Kϋnnen Marieken ook een voormalig wönnershoes) en aan Tjibbe Knol zakenman en winkelier uit Overdinkel.

Het perceel waar de voormalige tramwagon staat, veranderde vele malen van eigenaar. Menno Luiten (eigenaar van reclamebureau ‘De Zuil’ te Enschede) kocht het later van Adriaan Jassies. De heer B. Gierveld uit Nijverdal op zijn beurt kocht het, als belegging, van Menno Luiten. Gierveld was eigenaar van De Elf Provinciën Hellendoorn (nu Avonturenpark) en hotel Dalzicht Nijverdal.

Joop Olde Heuvel, de huidige eigenaar, kocht het weer van Gierveld. Voor hem had het perceel een zeer gunstige ligging en hij voegde het toe aan zijn agrarisch bedrijf onder het motto ‘buurmans grond is maar één keer te koop’.

De tramwagen

Het rijtuig is een voormalige motorwagen, die dienst deed voor de T.E.T. in Enschede. In februari 1933 werd het trambedrijf opgeheven en werd overgegaan op een lijndienst met autobussen. Enschede kende vóór 1933 een tramtracé als stadsdienst en had ook een tramverbinding met Glanerbrug.

Adriaan Jassies had de wagen in het jaar 1933 gekocht en door de firma Huckriede uit Enschede laten vervoeren naar de plaats waar hij nu nog staat. Als we nagaan waarin Jassies zo al handelde en zaken deed is deze aankoop niet zo vreemd als ze op het eerste gezicht lijkt.

Het verhaal gaat dat de wagon vanaf de weg van Glane naar Overdinkel langs de kortste route door het weiland naar de huidige plek is gesleept. Hoe dit is gebeurd kunnen we niet meer nagaan. Het rijtuig is destijds compleet met kopdeuren omgetoverd tot tuinhuisje. Hoewel het geheel in verval is geraakt, is de wagon door het daar overheen gebouwde pannendak en de solide houten wanden nog in redelijk staat gebleven. Bij het betreden van de wagen waan je jezelf in een andere tijd. Het is werkelijk verbluffend om te zien, hoe goed het interieur er nog uitziet.

Door de Nationale Tramweg Stichting in den Haag zijn pogingen ondernomen om de tramwagon in bezit te krijgen voor haar museum. Men heeft nog een onderstel en is van mening dat de wagon in de originele staat kan worden hersteld. Medewerking van de huidige eigenaar is er wel, op voorwaarde dat op de huidige plek door de Gemeente Losser een bouwvergunning wordt verleend voor de bouw van een vervangend zomerhuisje.

Volgens recentere krantenberichten (5 Nov 2015) is de vergunning nu verleend. Het wachten is nu op verdere acties voordat we de tramwagon kunnen bewonderen als aandenken van het voormalige tramwezen in de stad Enschede.

Bijzonderheden

Motorwagen nr 1  is in 1908 gebouwd bij Carosserie-fabriek Pennock in Den Haag en heeft tot de opheffing van de Twentsche Electrische Tramweg-Maatschappij in 1933 in Enschede dienst gedaan. Pennock was destijds van 11 bedrijven de laagste inschrijver en mocht dus leveren. Opmerkelijk is, dat Pennock (normaliter leverancier van paarden- en stoomtramrijtuigen) nog nooit eerder motorrijtuigen had gebouwd en in dit later ook nooit meer zou doen. De wagen heeft dus 25 jaar dienst gedaan en ziet er ook nu nog opmerkelijk goed uit.

Voor meer informatie, foto's wetenswaardigheden over de T.E.T. en de tramlijn kijk op

Enschede in ansichten

De Geschiedenis van de T.E.T.

Auteurs: Bennie Nijhof en Andries Kuperus (die ook de foto’s van de huidige situatie maakte).

Bron: Guus Ferree, Trammend door Twente. 1983.

Oorspronkelijk gepubliceerd in Oet Dorp en Marke 2012-03

Reacties