Geplaatst door: 
Verhaal

PAULTJES HERINNERINGEN (8) DE HEG

Auteur: 
Paul Bulters - Oet Dorp Marke 2016-4

Losser eind jaren vijftig. De dorpskern straalde een en al rust uit. Als kinderen konden we volop op straat spelen zonder van de sokken te worden gereden of te worden gehinderd door geparkeerd blik. Stoeprand gooien met een bal bijvoorbeeld of een partijtje voetbal spelen op straat met buurtjongens, tollen, hinkelen, verstoppertje spelen.

Dit alles is in de huidige 21e eeuw vrijwel onmogelijk geworden en veel van de genoemde straatspelen kent de huidige jeugd zelfs niet meer. Op straat spelen is vervangen door allerlei elektronische spelletjes en beeldschermen in huis. Hotel Hut (later Hotel Centraal). Ook de Losserse volwassenen kenden toen een andere invulling van de week. Werk stond op plaats één, ontspanning was bijzaak. Er werd zes dagen per week hard gewerkt. Toen landelijk werd besloten, dat de werkweek voor 'de arbeiders' op zaterdagmiddag om 12 uur eindigde hoor ik het mijn vader, die een expeditiebedrijf runde, nog zo zeggen: ’Dit kan de economie nooit verwerken, het land gaat naar de knoppen’. Later ging de zaterdagmorgen er ook af en werd zelfs de 36-urige werkweek ingevoerd. Het enige verzetje van veel Lossernaren bestond op zondagmorgen uit een bezoek aan één van de vele cafés die ons dorp toentertijd rijk was. Wij woonden op de hoek van de Braakstraat en de toenmalige Driehoekstraat, waar nu supermarkt EMTÉ is gevestigd, in het vroegere postkantoor. Strategisch en centraal gelegen dus en op zondagmorgen met name een looproute naar en van hotel Hut (later hotel Centraal) aan de Kosterstraat. Ons huis was omzoomd door een meterhoge beukenhaag, die een onwaarschijnlijke aantrekkingskracht bleek te hebben op de cafébezoekers, die zich na een paar uur achter de jenever en de brandewijn, rond het middaguur huiswaarts begaven om zich tegoed te doen aan de kippensoep, die al de hele morgen op het vuur stond te 'trekken'. Rond half een kwam dan de individuele optocht van de dronkenlappen vanuit hotel Hut richting huis op gang en wij, het gezin Bulters, stonden voor het raam om de jenever- en brandewijngebruikers voorbij te zien komen. Dat was een belevenis op zich. De hele Braakstraat werd van links naar rechts en omgekeerd gebruikt. Dat kon ook, omdat er vrijwel geen autoverkeer was en er geen geparkeerd blik stond. Maar op het einde van de straat doemde dan onze beukenhaag op. Je kon het voorspellen en uittekenen: De dronkenlap ging eerst naar links richting het woonhuis van molenaar Hendrik Kellerhuis en zijn vrouw Marie Snoeijink en toen pootje over helemaal naar rechts richting ons huis en dus de heg. Daar eindigde met veel gekraak voorlopig de wandelroute en het zondagsuitje van de middenstander. Mijn vader toog naar buiten en hielp het drankorgel weer op de been. Die zette onvast zijn weg voort richting de kippensoep en de divan. Later kwam dan dronkenman nummer twee en dat ging dan zo een tijdje door. Een week later herhaalde zich hetzelfde tafereel met vaak dezelfde hoofdrolspelers, die op werkdagen weer achter de toonbank waren te vinden of de bestellingen bezorgden. Wij keken er als kind elke zondag naar uit. Nu maakt het GPS-systeem het terugvinden van het huisadres ook voor dronkenlappen een stuk gemakkelijker. De moderne tijd is niet tegen te houden. Losser heeft er wel een attractie minder door gekregen. De beukenheg is verdwenen, maar die staat in mijn geheugen gegrift. 

 

Overname van documenten en foto's alleen na toestemming HKL

Reacties