Geplaatst door: 
Verhaal

“…dat voor Koningin en Vaderland - en ook voor ons - is gevallen Bernard Hendrik Busser”

Auteur: 
George van Slageren - ODeM 2005-01

Het eerste nummer van het kerkblad van de Hervormde Gemeente Losser na 10 mei 1940 is een korte editie en er wordt niet direct over de oorlog geschreven.

Wat - toen ik het voor de eerste keer las – wel veel indruk op mij maakte was het volgende bericht.

“In de kerkdienst van 26 mei 1940 werd, terwijl de gemeente eerbiedig oprees, namens de kerkenraad de volgende mededeling voorgelezen: Met diepe ontroering hebben wij vernomen, dat voor Koningin en Vaderland - en ook voor ons - is gevallen Bernard Hendrik Busser.”

Ik zie het verdriet en de ontreddering van de hele gemeenschap voor mij. En dan te bedenken dat op de Grebbeberg waar Bernard Busser is gesneuveld nog zeven andere jonge mannen uit de gemeente Losser zijn gevallen. Ook zij verdienen het dat wij ons hun namen blijven herinneren. Allen zijn begraven op het Militair Ereveld Grebbeberg.

 

Geboren

Grafnr.

Bernard Busser

11-09-1906

1:1

Johannes Engelbertink

02-11-1910

2:20

Hendrik Grunder (Beuningen)

27-06-1914

6:30

Hendrikus Hassink

21-08-1914

6:29

Gradus Keizer (Beuningen)

27-07-1914

6:70

Bernardus Olde Bolhaar (Overdinkel)

22-12-1913

1:50

Heinrich Spölmink

06-08-1918

2:64

Johannes Veldscholten (Beuningen)

18-06-1916

2:13

 

Bernard Busser

Bernard Busser werd 11 september 1906 geboren in Oldenzaal. De familie Busser kwam in 1918 naar Losser toen vader Gerard Cornelis hier stationschef werd. Bernard trouwde op 23 mei 1934 met Hilly Molendijk. Zij kregen twee kinderen, Betty (1936) en Joke (1939). Het gezin woonde aan de Oldenzaalsestraat, destijds genummerd D 44. Mevrouw Busser overleed in augustus 1986.

Het Militaire Ereveld en het plaatsen van een eigen steen

In dezelfde periode werd besloten om niet langer toestemming te verlenen aan familie om een eigen steen te plaatsen op het graf. Het Departement van Defensie had namelijk het besluit genomen om alle (veelal verschillende) grafstenen te doen vervangen voor eenzelfde model grafzerk. Dit blijkt ook uit de volgende brief die door een majoor van het Nederlandse Rode Kruis op 9 februari 1942 werd gezonden aan de nabestaanden van een op de Grebbeberg begraven soldaat.

    "In antwoord op Uw schrijven d.d. 2 Februari j.l. moet ik U tot mijn zeer grooten leedwezen mededeelen, dat ik in opdracht van het Departement van Defensie geen toestemming meer mag verleenen tot het plaatsen van grafsteenen op het Militair Kerkhof te Rhenen.
    De graven aldaar, welke nog niet van een steen waren voorzien, zullen door de zorgen van het Departement van Defensie van een grafzerk worden voorzien. Met de nabestaanden van gesneuvelden, die de graven van hun gevallen familieleden van een grafmonument (steen of kruis) hadden voorzien, wordt thans gecorrespondeerd om van hen vergunning te krijgen deze monumenten te verwijderen en te doen vervangen door dezelfde grafzerken, als reeds door de zorg van het genoemde Departement zijn of nog worden geplaatst.
    De bedoeling is alle graven van eenzelfde model grafzerk te voorzien, zoodat er geen onderscheid in de graven zal bestaan. "

De grafsteen

Dat ik hier nu met name over Bernard Busser schrijf komt door het volgende. Enkele jaren geleden werd de Historische Kring Losser benaderd met de vraag of wij belang hadden bij ‘de’ grafsteen van Bernard Busser. Deze steen was op dat moment in het bezit van de buurman van (de toen dus al overleden) mevrouw Busser. Volgens de buurman ging het om de steen die oorspronkelijk op de Grebbeberg gestaan heeft. (Op de Grebbeberg staat nu de standaardsteen die op alle Nederlandse oorlogsgraven staat). Uiteraard hadden wij wel belang bij de grafsteen, in die zin dat het bestuur van mening is dat een dergelijk monument nooit verloren mag gaan. Helaas zagen wij op dat moment geen mogelijkheid om voor de steen een passende plaats te vinden. Dat werd anders toen in januari 2004 een oud gedeelte van de Hervormde Begraafplaats aan de Kloosterstraat geruimd werd. Tijdens de voorbereiding van die ruiming ontstond het plan om enkele grafstenen die nog in redelijk goede staat verkeerden of anderszins van betekenis waren, niet te vernietigen maar een plaats te geven op de plek waar de bij de ruiming nog aangetroffen stoffelijke resten zouden worden herbegraven. Het college van kerkrentmeesters van de hervormde gemeente (de beheerder van de begraafplaats) stemde volmondig in met ons voorstel om ook de grafsteen die herinnert aan Bernard Hendrik Busser op die plek een plaats te geven.

 

Reacties